Edelweiss, onweer en Lagrein op de Doloramaweg
Tekst & foto's: Simone de Bruijn
'Naar buiten, nu...!'
17 april 2026
...roept iemand terwijl we aan de lange tafel in de berghut net huisgemaakte panna cotta voorgeschoteld krijgen. Ik sta zo snel als ik kan op en ren naar buiten. Daar ervaar ik het natuurschouwspel van de ondergaande zon die de bergen in een magisch warm oranje kleur oplicht. Het is de kers op de taart - of de bessensaus op de panna cotta - op deze laatste avond van de vijfdaagse Trail Markers-huttentocht over de Doloramaweg in de Dolomieten.
Highlights
- Hiken met een gezellige groep door UNESCO Werelderfgoed
- Achter iedere bocht een onvergetelijk nieuw panorama
- Overnachten op zo'n 2.000 meter hoogte tussen de kalksteenrotsen
- Na inspanning de ultieme onstpanning: genieten van la Cucina Italiana!
Reisverhaal
Met een groep van twaalf vrouwen en Trail Guide Otto beginnen we vier dagen voor dit betoverende moment als (dan nog) onbekenden met elkaar te wandelen. We ontmoeten elkaar op het treinstation van Brixen.
Sommigen komen rechtstreeks uit de nachttrein, de slapertjes wrijvend uit hun ogen, en frissen zich op in het openbare toilet. Nadat alle handjes zijn geschud, vertrekken we met taxibusjes richting parkeerplaats Zumis. Hier vandaan starten veel wandelingen.
Op de parkeerplaats doen we een uitgebreide introductie. Otto laat op de kaart zien welke tocht er vandaag op de planning staat. Deze dag staat in het teken van een rustig inkomertje. We wandelen licht glooiend omhoog over groene alpenweides en door naaldbossen.
Af en toe pauzeert Otto om de verschillen tussen sparren, arven en lariksen te laten zien. We picknicken in het gras, met uitzicht op de Peitlerkofel in de verte. Het is gek om te beseffen dat we daar over een paar dagen zullen lopen.
%2520%257B%2520%255Bnative%2520code%255D%2520%257D&w=2048&q=100)
We komen op tijd aan bij de Kreuzwiesenhütte (1.925 meter), waar een zonovergoten terras op ons wacht. Er worden apfelschorles, skiwassers en biertjes besteld. Een enkeling is nog te porren voor een extra beklimming naar de Astjoch-top. Wanneer we daar aan het begin van de avond aankomen, is het licht prachtig en krijgen de bergen een lichte pasteltint.
We gaan daarna snel terug naar de berghut, want de hut-eigenaar heeft ons streng doch vriendelijk duidelijk gemaakt dat om 19.00 uur stipt het avondeten wordt geserveerd. En inderdaad, wanneer we de hut binnenvallen staat er al een kaasknödel op ons te wachten. Na deze eerste dag zoekt ieder zijn bed op op de slaapzolder boven de koeienschuur.
We slapen hier met 24 mensen. Matrassen liggen op de grond tegen alle zijkanten van de kamer onder het schuinaflopende dak. De dekens zijn vochtig van de klamheid. Oordoppen gaan in om het geluid van gesnurk en rinkelende koeienbellen te dempen.
%2520%257B%2520%255Bnative%2520code%255D%2520%257D&w=2048&q=100)
Herfsttinten
Nadat enkele ruggenzakken beter zijn afgesteld met behulp van Otto, beginnen we met de beklimming van de Monte Campiglio. Op de top deelt een van onze reisgenoten proteïnerepen uit, want sommigen hebben genoeg eten voor twee weken meegenomen en moeten de nodige kilo’s kwijt. Opvallend deze dag zijn de lage bessenstruiken waarvan de blaadjes verkleuren. Zover het oog reikt, kleuren de bergen herfstachtig rood.
Na een poos wandelen doemt uit het niets de Glittnersee op, een bergmeer met een reusachtige kunstige stoel midden op het water. Hier houden we onze tweede pauze. Omdat alles deze dag meezit, stelt Otto voor om een extra beklimming in te bouwen.
We gaan daarom ook nog naar de top van de Monte Murro. Een steile klim met op de top een prachtig vergezicht. Vanuit hier dalen we af richting de Maurerberghütte (2.157 meter).
De Maurerberghütte is een hut die recent is vernieuwd. Een geur van vers bewerkt hout verwelkomt ons. Dit keer echte bedden én stopcontacten naast de bedden. Stiekem kunnen we dit wel waarderen, al is het maar dat we hier gewoon rechtop kunnen staan.
Na een warme douche - hoewel sommigen achter het net vissen en getrakteerd worden op een koude douche - is het tijd voor Aperol Spritz en rode wijn.
Lagrein wordt al gauw door de groep als favoriete rode wijn bestempeld, gemaakt van een blauw druivenras uit Zuid-Tirol. Het laat zich goed smaken met de uitgebreide salade en verschillende pasta’s die we krijgen als diner.
%2520%257B%2520%255Bnative%2520code%255D%2520%257D&w=2048&q=100)
Fossielen en onweer
Vandaag staan we voor een keuze: gaan we voor de langere maar vlakkere route om de Peitlerkofel heen. Of nemen we een kortere maar steile route over een van de bergwanden. We kiezen voor de laatste optie, want we zijn wel klaar voor een stevige hike door het rotsachtige landschap van de Dolomieten.
Bovendien zijn we dan wellicht sneller bij de berghut, wat goed uitkomt met het oog op eventuele regen. Otto checkt voor de zoveelste keer bij een hut en op zijn weerapp of er onweer op komst is, maar dat is niet het geval.
Otto wijst ons tijdens het wandelen op de vele fossielen die er te vinden zijn. Op stenen staan allerlei afdrukken van schelpen en mesheften, het zijn herinneringen aan miljoenen jaren geleden toen dit gebied een zee was. De paden worden steeds smaller en we komen over stukken bezaaid met puin en rotsblokken waar we overheen moeten klauteren.
We vinden stenen met kwarts erin en we zien - eindelijk! - edelweiss. Op weg naar de top van de Peitlerkofel droppen we onze tassen in het gras, zodat we de bepakking niet helemaal naar boven hoeven te nemen.
Bovenop de top van de Kleiner Peitlerkofel (2.813) schrijven we onze namen in het bergboek bij het houten kruis. Het is nog droog, maar er komen ook wolken aan, dus we besluiten weer af te dalen.
%2520%257B%2520%255Bnative%2520code%255D%2520%257D&w=2048&q=100)
Na tien minuten dalen horen we ineens onweer. Otto maant ons sneller te lopen. We lopen zo snel we kunnen, maar wel verantwoord, naar beneden en dan begint het ook te regenen. Niet veel later hagelt het en horen we donder dichtbij.
De paadjes veranderen snel in stromende riviertjes. Het weer in de bergen kan écht ineens omslaan. Gelukkig hebben we regenjassen en regenhoezen om onze tassen, maar de meesten nemen niet de tijd om een regenbroek aan te trekken.
Zo snel mogelijk naar de hut, dat is het devies. Sommigen met blote benen waarop hagelstenen rode vlekjes achterlaten, anderen met een sloot water in hun schoenen.
Eenmaal aangekomen bij de Schlüterhütte (2.306 meter) liggen de oude kranten al klaar voor de doorweekte schoenen. De hut-eigenaar heeft dit soort taferelen duidelijk vaker meegemaakt. Op elke plek in de hut - haakjes, balustrades, verwarmingen, stoelen - hangen spullen te drogen. Langzaam maar zeker warmen we weer op met een hete douche, warme chocolademelk en apfelstrudel.
%2520%257B%2520%255Bnative%2520code%255D%2520%257D&w=2048&q=100)
De bessensaus op de panna cotta
De volgende ochtend worden we wakker in een wit landschap! Het heeft licht gesneeuwd. Een stralende dag staat op ons te wachten met een strakblauwe lucht en de meeste spullen zijn zowaar weer droog.
We lopen eerst in de schaduw van het rotsachtige bergmassief van de Geisler. Pieken van meer dan 3.000 meter torenen boven ons uit. Bij de Borgleshütte nemen we een uitgebreide lunchpauze met kaiserschmarrn.
Hierna wandelen we over brede alpenweiden met uitzichten op Val Gardena. In de verte zien we bekende bergmassieven als Sella Ronda en Sassopiatto. Na een wandeling van 18 kilometer komen we eind van de middag aan bij de Raschötzhütte (2.167 meter), onze laatste berghut van de huttentocht.
Het is hier dat we bij het avondeten beloond worden met een magische zonsondergang. ‘Naar buiten, nu!’, roept iemand terwijl we net huisgemaakte panna cotta met rode bessensaus voorgeschoteld krijgen. Ik sta zo snel als ik kan op en ren naar buiten. Het is de kers op de taart - of de bessensaus op de panna cotta - op deze laatste avond.
De laatste nacht delen we met z’n dertienen één kamer met stapelbedden. Onze rugzakken liggen bezaaid op de grond. We blijven het wonderlijk vinden dat je aan de ene kant zo weinig mee hebt en tegelijkertijd alles de hele tijd kwijt bent. Spullen uitpakken, zoeken en weer inpakken hoort inmiddels tot het dagelijkse ritueel.
%2520%257B%2520%255Bnative%2520code%255D%2520%257D&w=2048&q=100)
Gedeelde verhalen
De zonsondergang was zo goed bevallen, dat we hoge verwachtingen hebben van de zonsopkomst. We hebben daarom om 6.00 uur de wekker gezet om richting de Raschötz top te gaan.
Met de wallen onder onze ogen zien we hoe de lucht een beetje oranje en roze kleurt, maar het kan niet tippen aan de avond ervoor. We nuttigen ons laatste ontbijt en nemen voor de laatste keer een groepsfoto waarbij een aantal koeien ons vergezellen.
We dalen af door het bos richting Urtijei. Het voelt vreemd om na vijf dagen wandelen weer in de bebouwde kom aan te komen. De huttentocht komt hier ten einde.
Waar we begonnen als onbekenden, delen we nu verhalen van gedeelde repen en flessen Lagrein, van natte wandelschoenen en lopen in onweer, van het zoeken naar edelweiss en het herkennen van verschillende naaldbomen - én alle persoonlijke verhalen (lief en leed) die onderweg werden verteld.
Zelf op reis
Zelf hiken op de Doloramweg en slapen in hutten rond de boomgrens? Bekijk dan onderstaande reis van Trail Markers. Goed om te weten: o.a. alle overnachtingen in de berghutten, ontbijt, 4 diners, 3 uitgebreide lunchpakketen, transfer Brixen - Zumis en begeleiding van een deskundige Trail Guide zijn inbegrepen.
Bekijk reis
Praktische info
Over de Doloramaweg
Land: Italië
Begin- en eindpunt: Van Brixen naar Ortisei
Afstand: 60 kilometer
Dagen: 5 dagen
Beste reistijd: half juni tot eind september
Terrein: bergpaden, alpenweides, bos, kalksteenrotsen, bergruggen
Accommodaties: sfeervolle berghutten rond de 2.000 meter
Hoogtemeters: +/- 2.000
FAQ over de Doloramaweg
De Doloramaweg
De Doloramaweg - een samenstelling van Dolomieten en Panorama - is een meerdaagse wandelroute in de Dolomieten, in het noorden van Italië. De route verbindt verschillende berggebieden en loopt door een afwisselend landschap van groene almen, ruige rotspartijen en indrukwekkende uitzichtpunten. Door de ligging aan de rand van de Dolomieten is het hier vaak wat rustiger, met weidse panorama’s en een authentiek alpien karakter.
Simone de Bruijn
Simone is ondernemer en werkt in het dagelijks leven vooral als tekstschrijver en communicatieadviseur voor goede doelen en onderwijsorganisaties. Ze reist veel en eerder maakte ze bergtochten in Patagonië, Canada, Kirgizië, Durmitor National Park (Montenegro), de Spaanse Pyreneeën en de Dolomieten. Ze schreef onder andere voor de Kleine Globetrotter, een magazine voor avontuurlijke gezinnen. Klik hier voor meer informatie.